Leren

De leerbekwaamheid van elke leerling uitbouwen is onze kerntaak. Daartoe willen wij niet alleen kennis, maar ook de nodige vaardigheden en attitudes bijbrengen. De uiteindelijke bedoeling is de jongere tot een zelfstandige leerder te maken die met plezier blijft leren, ook lang nadat hij de schoolpoort achter zich dicht heeft getrokken.
Om de leerlingen hierin te helpen, heeft de school heel wat ondersteunende maatregelen uitgewerkt. Per graad (of per jaar) bestaat o.a. een planningsagenda. Deze agenda biedt aan de leerlingen een houvast in het groeien in leerbekwaamheid.

Taalscreening

Al een aantal jaren wordt er in het eerste jaar een klassikale screening spelling Nederlands georganiseerd. Taalscreening is met ingang van 1/09/2014 ook vastgelegd in de regelgeving. Als school worden we dus verplicht om een taalscreening te organiseren. Daarom screenen we vanaf dit schooljaar ook begrijpend lezen en woordenschat. De testafnames vinden plaats eind september/begin oktober.

Via screening komen we leerlingen met problemen en eventueel leerlingen met dyslexie vroeg op het spoor. We krijgen op een systematische wijze informatie over de sterke en zwakke kanten van een leerling op vlak van spelling, woordenschat en begrijpend lezen. Met deze informatie is het mogelijk om gerichter onderwijs te bieden. De leerkrachten Nederlands kunnen hier bijvoorbeeld rekening mee houden tijdens hun lessen.

Vanaf het schooljaar 2015-2016 werken we met het programma Diataal. De leerlingen leggen via de computer 3 toetsen af:

  • Diatekst
    Diatekst is een diagnostische toets voor begrijpend lezen. De toets meet het begrip van schoolboekteksten aan de hand van meerkeuzevragen. In één afname krijgen de leerlingen 5 teksten, met ieder ongeveer tien tot twaalf meerkeuzevragen.
  • Diawoord
    Diawoord is een toets voor woordenschat. De toets signaleert eventuele tekorten in de schoolse woordkennis. In de toets worden 50 woorden aangeboden in contextzinnen met meerkeuzevragen.
  • Diaspel
    Diaspel is de toets voor spelling en taalverzorging. De toets meet aan de hand van 80 vragen de kennis van de leerlingen op drie onderdelen: woordspelling, werkwoordspelling en begrippen. Het onderdeel woordspelling bestaat onder andere uit een dictee. Daarnaast zijn in de toets invulvragen en meerkeuzevragen opgenomen.

Leerlingen met leer- en ontwikkelingsstoornissen

Op onze school willen we aandacht hebben voor leerlingen met leer- en ontwikkelingsstoornissen. Leerlingen hebben recht op ondersteunende maatregelen als na grondig onderzoek een diagnose werd gesteld door een externe dienst (logopediepraktijk, revalidatiecentra …). Dit moet duidelijk worden gemaakt via een attest. Pas dan wordt de leer- of ontwikkelingsstoornis door de school erkend!

Leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften hebben recht op redelijke aanpassingen. Indien deze onvoldoende blijken, wordt samen met het CLB gekeken, in overleg met de ouders, of GON-begeleiding wat eventueel aangewezen is.

Deze leerlingen kunnen ervoor kiezen om de proefwerken in een apart lokaal af te leggen, waar ze meer tijd krijgen en meer begeleiding. Bovendien kunnen leerlingen met het softwareprogramma Kurzweil de opgave laten voorlezen.

Via de Kern Leerlingenbegeleiding neemt de verantwoordelijke leerlingenbegeleider contact op met de leerling (en de ouders) om deze begeleiding voor te stellen en te bespreken. 

Enkele voorbeelden van algemene maatregelen op onze school voor leerlingen met dyslexie

  • Spelfouten in niet-talige vakken worden niet aangerekend.
  • Spelfouten in taalvakken worden slechts voor een beperkt percentage aangerekend.
  • Bij tekstopdrachten, DW’s (ook kleine) en examens kunnen deze leerlingen meer tijd krijgen om de opdrachten af te werken
  • Schriftelijke vragen worden mondeling toegelicht.
  • Er wordt gecontroleerd of gedicteerde DW-vragen correct worden genoteerd én begrepen.
  • Controle van notities.
  • Controle van antwoorden bij kruiswoordraadsels. (eindoplossing klopt vaak niet door spelfouten ook al zijn de antwoorden correct)
  • Indien mogelijk mondelinge overhoring van woordenschat.

Begeleid studeren

Niet elke leerling heeft alle leervaardigheden en attitudes even snel onder de knie. Daarom kunnen leerlingen van de eerste graad eenmaal per week begeleide avondstudie volgen. Enkel de klassenraad kan een leerling aanmelden voor deze studie. Tijdens de begeleide studie krijgen de leerlingen concrete tips bij het studeren. De tips worden in groep en/of individueel besproken. In de mate van het mogelijke en de noodzaak gebeurt de begeleiding tijdens de begeleide studie ook individueel.

Inhaallessen

Voor leerlingen die een lange tijd afwezig waren of een probleem hebben met een bepaald onderdeel van de leerstof, wordt een inhaalleerkracht aangesproken.
Zo organiseert het Sint-Lodewijkscollege in de eerste graad inhaallessen voor Wiskunde, Frans en Klassieke talen.